Pas op voor de draken – deel 2

‘Kom je met ons mee naar het hoge noorden?’

Ik, Geronimor Stilson,
ben een echte Noormuis.
Ik ben alleen niet zo dapper.
Toch moet ik op een missie.
Naar het land van de draken.
Mijn neef Kloet heeft een sapje bedacht
om ons dorp te redden van de draken.
Maar hier heeft hij een plant voor nodig
die alleen groeit in de moestuin van de draken.
En wie moet die plant gaan halen?
Ik natuurlijk! Zucht…

In drie woorden

Spannend, avontuurlijk en AVI-lezen

In meer woorden

In dit verhaal maak je kennis met de oude stam der Noormuizen. Ze wonen op Noorder Eiland, waar het altijd koud is. Ze eten het liefst Snetver, een echte stinksoep en vechten tegen de draken. De familie Stilson bestaat uit Geronimor, zijn zus Thea, zijn neef Kloet en de neefjes Pan en Ben. De baas van Rotsblok, de hoofdstad van het Noorder Eiland is Knaag de Bruller. Zijn dochter Muissie is het mooiste meisje van het land en Geronimor is stiekem verliefd op haar. Voor haar heeft hij alles over, hij wil niets liever dan bewijzen dat hij een grote en sterke muis is. En daarvoor wil hij graag de heldhelm winnen, maar of dat de bange angsthaas Geronimor gaat lukken…

Geronimor neemt je mee op zijn spannende reis naar het land van de draken. Voor het stinkdrankje van Knoet moet hij uien stelen uit de moestuin van de draken. Het drankje schrikt draken af, waardoor het land voor eeuwig en altijd gered zal zijn van deze muisetende wezens. De reis verloopt niet vlekkeloos, maar gelukkig heeft Geronimor een goed team van muizen om zich heen. Nu maar hopen dat ze geen drakenmaaltje worden.

Wie kent ze niet, de boeken van Geronimo Stilton. De dappere muizen die steeds weer opnieuw avonturen beleven, zijn in bijna iedere boekenkast te vinden. Ondanks dat het deel twee is binnen deze spannende serie, is dit boek prima als losstaand verhaal te lezen. Voorin worden de personages aan je voorgesteld en het verhaal heeft een logische en makkelijk te begrijpen opbouw. Het verhaal is geschreven op AVI niveau M4. Het lettertype is ietwat groter en er is gebruik gemaakt van speelse kleurwisselingen en lettertypes. Naast de korte stukjes tekst kent dit verhaal diverse illustraties welke boordevol kleur en spannende details zitten. Dit maakt het een aantrekkelijk boek voor de jonge lezers.

Voor dappere knaagdiervrienden vanaf zes jaar.

Blog auteur Ilona de Kok

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *